Het beeld van eenzaamheid moet nodig bijgesteld. Eenzaamheid is een probleem van ons allemaal, al zien we dat niet direct. Lees hoe het zit.

Bij wie komt eenzaamheid voor - Beeld Gerd Altmann
Beeld: Gerd Altmann

Bij wie komt eenzaamheid voor?

Nog maar zo’n twintig jaar geleden dachten onderzoekers dat eenzaamheid niet voorkomt bij kinderen. Het kwam gewoon niet bij ze op dat dat mogelijk zou zijn. Blijkbaar beïnvloedden ze elkaar enorm en was en grote sociale controle, want het is niet waarschijnlijk dat al die onderzoekers zelf als kind geen eenzaamheid zouden hebben gekend.

Niemand durfde blijkbaar te zeggen dat de keizer geen kleren aan had. Niemand durfde uit te komen voor de eigen eenzaamheid. En dat is vandaag de dag nog maar een klein beetje veranderd. Uit die tijd stamt ook de naam ‘de eenzame’, alsof het een bepaald type mens is, een men, uiteraard, met een eenzaam karakter. Of een ouder iemand, want oud en eenzaam, dat durf je wel te zeggen.

Generaties psychologen opgeleid

Aan het begin van deze eeuw werd psychologen nog geleerd dat er zoiets is als een ‘eenzame persoonlijkheid’, en dat eenzaamheid niet voorkomt bij kinderen. Deze mensen hebben nu praktijken, adviseren anderen en geven therapie.

Het beeld van eenzaamheid

Zo maar een greep uit een van de publicaties over eenzaamheid uit de pers. Uit een manifest tegen eenzaamheid. Dit is representatief voor hoe we in Nederland tegen eenzaamheid aankijken, daarom een stukje citaat:

“Eenzaamheid komt onder alle leeftijdsgroepen en in alle lagen van de bevolking voor: chronisch zieken, gehandicapten, ouderen, jongeren, alleenstaande ouders, immigranten, mantelzorgers, werkzoekenden, dak- en thuislozen enz. In Dordrecht geeft 34% van de inwoners van 19 jaar en ouder aan zich matig eenzaam te voelen en 5% ernstig. Mensen vinden het moeilijk toe te geven dat ze eenzaam zijn. Eenzaamheid kan leiden tot verlies van zelfvertrouwen en depressiviteit.”

‘kwetsbare groepen’

Dit is precies zoals de meeste berichten over eenzaamheid overal in de media verschijnen. Eerst wordt (terecht!) gezegd dat eenzaamheid een probleem is dat door alle leeftijden en alle lagen van de bevolking heengaat. Dan vervolgt de zin met een opsomming van ‘doelgroepen’, zoals ze genoemd worden: mensen die om een of andere reden als kwetsbaar worden bestempeld. Hiermee wordt aan het fenomeen eenzaamheid geen recht gedaan en dat heeft stevige gevolgen.

Zwak, ziek, oud…

Door eenzaamheid neer te zetten als een probleem van kwetsbare mensen, mensen die niet goed voor zichzelf kunnen zorgen, bestempel je het tot een probleem van ‘de zwakken in de samenleving’. Nu is het waar dat mensen die al in de problemen zitten grotere kans hebben last te hebben van eenzaamheid.

Doordat eenzaamheid wordt afgeschilderd als een probleem van ‘de zwakkeren’ zullen mensen die zichzelf niet tot die groep rekenen zichzelf ook niet snel herkennen als eenzaam. Maar bij wie komt eenzaamheid voor? We weten dat eenzaamheid voorkomt onder alle lagen van de bevolking.

Percentages

De meeste kans op eenzaamheid heb je als alleenstaande man van vijfennegentig-plus met een slechte gezondheid, geen familie en weinig geld. Of als je puber bent. De cijfers die er zijn (en het zijn er zeer weinig) wijzen op zo’n 10% van de kinderen, waarbij kinderen beneden de 8 jaar helemaal niet in beeld zijn, afgezien van wat verslagen waarbij andreen hun oordeel gaven over hoe eenzaam zij die kinderen inschatten. (ouders, leerkrachten etc.). Bij de alleenstaande mannen van 95 jaar en ouder is dat 25%. Kijk hier voor de cijfers.

Aantallen

Dank zij de leeftijdsopbouw van onze samenleving is het simpel te berekenen dat eenzaamheid veel vaker voorkomt bij mensen die dagelijks gewoon naar hun werk gaan, bij moeders van schoolgaande kinderen, bij studenten, bij overigens gezonde vijftig-plussers… en ga zo maar door. Kortom: eenzaamheid is veel vaker een probleem bij mensen die niet tot een kwetsbare groep horen.

Een voorbeeld: in 2016 waren er in totaal nog geen 4000 mannen van 95 plus in Nederland. Als 25% van hen zich erg eenzaam voelt, dan gaat dat dus om 1000 mensen totaal.
In 2016 waren er 260.000 45-jarigen, van wie 9% zich ernstig eenzaam voelt. Dat zijn er (dus alleen in die ene jaargang!) 23.400.

Beeld moet bijgesteld

Het beeld van eenzaamheid moet nodig bijgesteld. Zodat er meer deskundige hulp komt voor mensen die zich terecht niet rekenen tot een kwetsbare groep, maar die wel hulp nodig hebben om eruit te komen. Zodat meer mensen om hulp durven vragen. Want dat is heel, heel hard nodig.

Wil je die cijfers nakijken? Dat kan hier. De bevolkingsopbouw van Nederland zie je hier, waardoor het meteen duidelijk is dat niet de oudsten, en zelfs niet de 70 plussers, de grootste groep vormen die kampt met eenzaamheid. Je kunt in de piramide gaan staan, zodat je de aantallen per leeftijd kunt zien. Dat spreekt voor zich.

In 2020 kwam er een rapport uit van Shovestul et al, waaruit haarscherp bleek dat eenzaamheid piekt onder twintigjarigen. Daarna neemt het langzamerhand af tot het in de allerlaatste levensfase weer gaat stijgen.

Bij wie komt eenzaamheid voor?

Bij ons allemaal. Ieder mens voelt zich wel eens eenzaam. Dat is het probleem ook niet. Het probleem van eenzaamheid ontstaat als je niet in staat bent het op te lossen. Dan wordt eenzaamheid een chronisch gezondheidsprobleem dat leidt tot een ongelukkig en ongezond en kort leven. Daar moet je wat aan doen en daar heb je hulp bij nodig.

Kom op voor jezelf!