Eerstejaars of eenzaamheidVormen eerstejaars studenten de grootste risicogroep als het gaat om ontwikkelen van eenzaamheid?

Eenzaamheid is een natuurlijk verschijnsel. Het treedt op als onze patronen van verbinding, die we net zo nodig hebben als een veilig thuis en voldoende eten en drinken, niet aan onze behoefte voldoen.

Dat wij patronen van verbinding hebben is voor ons misschien niet altijd even duidelijk, maar het is wel een feit. Worden of zijn die patronen verstoord, dan ervaren we dat als eenzaamheid. Als gezegd, dat is normaal en hoort bij het leven. Maar wanneer al je verbinding met anderen opeens tegelijkertijd wordt verstoord, vraagt het heel veel van een mens om dat op te vangen. Nieuwe patronen vormen, dat is iets wat vrijwel automatisch gaat, vaak buiten ons bewustzijn om. Denk maar eens terug aan de laatste keer dat je na de pauze terug wilde naar je plaats en er zat iemand anders… zo snel vormen wij patronen.

Maar als alles tegelijk verstoord is en je moet echt heel je leven opnieuw uitvinden dan moet je voor jezelf een nieuwe identiteit vormen. En dat is precies wat eerstejaars studenten staat te wachten. Vrijwel alle vertrouwde patronen zijn verstoord, bijna elk onderdeel van het leven moet opnieuw opgebouwd worden. Afgezien van natuurrampen en oorlogen is er nauwelijks een voorbeeld te noemen van een periode waarin alle vaste grond zo onder je voeten lijkt te verdwijnen. Dus ja, eerstejaars studenten zijn werkelijk degenen die het grootste risico lopen last te krijgen van eenzaamheid.

Ja, maar ouderen dan? Eenzaamheid is toch in de eerste plaats een ouderenprobleem? Nee, dat is het niet. Bij ouderen is het probleem dat zij vaak niet (meer) in staat zijn zelf vorm te geven aan een ander leven, om nieuwe patronen te vormen die aan de eigen behoeften voldoen. Ben je rond de twintig, dan zijn je mogelijkheden veel groter. Gelukkkig maar voor die jongeren, want eenzaamheid is ellendig, of je nu oud bent of jong.

Maar wat nu als je dat allemaal niet weet? Als je als eerstejaars, hopend op een nieuw leven met leuke nieuwe lessen en lekkere feesten, merkt dat je je ellendig voelt? Als je denkt dat jij die uitzonderlijke loser bent, die zich het liefst opkrult en niet meer uit bed komt? Als je echt niet weet hoe je er wat aan kunt doen? Als je ook geen begrip vindt bij degenen die jou erbij zouden moeten begeleiden? Omdat ook zij er eigenlijk geen kaas van gegeten hebben? Wat dan? Vraag hulp. Vraag hulp. Vraag hulp.

Wil je liever met je studiebegeleider praten of het bureau studentenpsychologen, vraag dan of zij een speciaal programma hebben voor eenzaamheid, want bij de meeste psychologen zit het (nog steeds) niet in de opleiding. En een leuke activiteit gaat jou niet helpen!

De feiten

Ruim 27000 studenten schreven zich in 2015 in Nederland in voor het eerste studiejaar. Statistisch gezien is van die populatie 7% ernstig eenzaam. Ernstig eenzaam wil zeggen dat zij dermate last hebben van (de gevolgen van) eenzaamheid dat hun gezondheid er ernstig onder lijdt, dat hun cognitief functioneren is verstoord, dat hun sociaal functioneren is verslechterd en dat zij zelf nauwelijks in staat zijn zonder hulp uit die situatie te komen. Dit is gebaseerd op de gegevens die al jaren door de GGD-en worden verzameld in de Nederlandse bevolking. (Zie ook CBS en Nationaal Kompas Volksgezondheid)

Een voorbeeld

Bij de Technische Universiteit Delft gaat het in 2015 om ca. 280 ernstig chronisch eenzame eerstejaars studenten. Eenzaamheid is geen onderwerp waar bijzondere aandacht aan wordt gegeven. Dat betekent dat 280 Deltfse studenten in de kou staan. Minder gezond zijn dan ze zouden kunnen zijn. Minder cognitief presteren dan ze zouden kunnen. Minder sociaal actief zijn dan ze zouden kunnen. De kans dat zij hun studie zullen afmaken is klein. De kans dat zij eerder overlijden dan hun leeftijdgenoten is groot. En los van alle andere zaken: ze voelen zich diep ongelukkig. Wie komt er voor hen op?