Eenzaamheid begint bij het jonge kind

Hoewel er internationaal weinig onderzoek is naar hoe kinderen eenzaamheid ervaren, is het wel degelijk een onderwerp waar we ons zorgen over moeten maken.

Toen psychologen nog van mening waren dat eenzaamheid ontstaat in de adolescentie, maakte niemand zich druk over de vraag of kinderen zich überhaupt eenzaam kunnen voelen. Die tijd ligt nog niet ver achter ons. Over eenzaamheid bij kinderen is dan ook heel weinig onderzoek beschikbaar: men dacht eenvoudigweg dat het niet bestond. 

Eenzaamheid is een onderwerp waarvan we denken dat het ouderen betreft. Niets is echter minder waar. Wij mensen hebben het nodig ons verbonden te voelen met andere mensen, of we nu oud zij of jong.

Die verbondenheid ervaren we als kind op de meest intieme manier met onze moeder.

Eenzaamheid begint in de wieg

Zodra we ervaren dat die verbondenheid wordt verbroken ervaren we voor het eerst hoe het is om ons eenzaam te voelen. Daarom is het terecht te zeggen dat eenzaamheid begint in de wieg. Kinderen moeten wennen aan dat gevoel, maar ze moeten daarbij ook voortdurend de ervaring hebben dat die verbondenheid elk moment weer hersteld kan worden, als zij dat willen. 

Kinderen die niet ervaren dat die verbroken verbondenheid kan worden hersteld, lopen de kans zich hun hele leven eenzaam te voelen. Kinderen moeten ervaren dat hun gedrag aanleiding is die verbondenheid te herstellen. Zo leren ze dat ze ook als volwassene door middel van hun eigen gedrag verbroken verbindingen weer kunnen herstellen, of nieuwe verbindingen kunnen aangaan.

Een klein kind zal het gedrag vertonen dat bij een klein kind past: het kind gaat huilen. Een kind laten huilen als het zich eenzaam voelt is een van de ergste martelingen die je je kunt voorstellen. De kans bestaat dat dit kind zich het hele verdere leven machteloos zal voelen bij het zoeken naar verbondenheid en het oplossen van eenzaamheid. Daarom is het van zo groot belang dat ouders weten dat ze hun kind het vertrouwen moeten leren dat er altijd weer iemand komt. Dat valt niet mee, want het kind moet juist ook leren dat alleen zijn geen ramp is. 

Aandacht krijgen

Zoals een klein kind zal huilen, zal een groter kind op een andere manier aandacht trekken, in de hoop zich weer verbonden te voelen met de moeder of andere verzorger. Een groter kind kan ook verbinding zoeken met iemand anders, die het kind aandacht en liefde geeft. Dat is normaal en het is een onderdeel van het verkennen van de wereld en van het verkennen van hoe je verbinding maakt met anderen.

Als je als ouder heb je de taak je kind te leren omgaan met eenzaamheid, zoals je het ook leert zindelijk te worden. Een strikte richtlijn is daarbij niet te geven. De overeenkomst is, dat je een kind pas iets kunt leren als het er aan toe is. Je hoeft niet per sé je kind drie jaar lang in een draagdoek bij je te houden, maar je moet je ernstig afvragen of het verstandig is je kind moederziel alleen in een wiegje te leggen als het zich duidelijk beter voelt bij jou in bed.

Leren over verbinding

Een van de belangrijkste dingen die je je kind kunt bijbrengen is hoe het zich verbonden kan voelen met andere mensen. Een kind dat in de vroege jeugd veel eenzaamheid ervaart, zal daar het hele leven lang last van hebben. Er komt steeds meer onderzoek waaruit blijkt dat vroege negatieve ervaringen een levenslang gevolg kunen hebben. Voor kinderen van elke leeftijd geldt: leer ze dat het normaal is je eenzaam te voelen, maar laat ze tegelijkertijd ervaren dat je altijd dichtbij bent.

Luister naar je eigen gevoel en geef je kind van jongsaf aan de verbondenheid die het nodig heeft. Je kind heeft maar één kans op een gelukkige jeugd.