Oxytocine, een nieuwe hype?

Studies hebben aangetoond dat wanneer een moeder borstvoeding geeft aan haar baby, er oxytocine vrijkomt in zowel de baby als de moeder. De moeder-baby band wordt gevormd rond dit wederzijds vrijkomen van oxytocine in hun systemen. Ook bij het aaien van een dier wordt oxytocine aangemaakt. Daarom wordt het ook wel ‘knuffelhormoon’genoemd. Maar er is meer. Oxytocine is ook betrokken bij het vijandig reageren naar buitenstaanders.

Een beetje oxytocine wordt vrijgegeven in ons systeem wanneer we eten, (vandaar dat we als we ons eenzaam voelen hunkeren naar chocola en ander zoet, dat is ter compensatie) maar het primaire mechanisme werkt wanneer we ons diepgaand met een andere persoon verbinden. Oxytocine is een stofje dat een rol speelt bij het regelen van onze emotionele reactie op ervaringen. Als we ons eenzaam voelen gaan we in eerste instantie opzoek naar verbinding met anderen. Maar als je die niet snel genoeg vindt en dus niet snel genoeg iets aan je eenzaamheid doet, gebeurt er iets opmerkelijks.

Als we voortdurend eenzaamheid ervaren is de afgifte van oxytocine ontregeld.  Dat oxytocine betrokken is bij de verwerking van emoties is zeker. Hoe dit systeem precies werkt, daar zijn we nog lang niet volledig achter. Of een laag niveau van oxytocine in je lichaam je minder sociaal maakt, daar wordt wel over gespeculeerd. Zo zijn er studies waaruit blijkt dat bij tienermeisjes die zich eenzaam voelen minder oxytocine aanwezig is. De vraag of dat een gevolg is van aanleg of van de interactie tussen aanleg (genen) en omgeving (ervaringen) is nog lang niet duidelijk.

Eenzaamheid doet iets gemeens met je. Vaak vind je er niks meer aan om aangeraakt te worden. Of je vindt het zelfs vervelend. Het vermoeden bestaat dat juist die verstoorde oxytocine huishouding ervoor zorgt dat aangeraakt worden en omgaan met anderen je geen plezier oplevert. Omgaan met anderen levert je dus niet het normale genot of geluk op. Dus waarom zou je het doen? Het kost al moeite genoeg met anderen om te gaan. Het gevolg: je trekt je nog meer terug en de eenzaamheid wordt nog sterker. De vicieuze cirkel.

In Amerika kun je het gewoon kopen: een neusspray. Ook wel aangeprezen als de spray voor gladde verkopers: mensen gaan jou vertrouwen als je ermee sprayt… Het lijkt dus simpel: beetje oxytocine erbij en hup, je voelt je weer verbonden en gelukkig en je eenzaamheid is over. Helaas is dat niet waar.

Het lijkt erop dat oxytocine een beetje zo werkt als drank: ben je in een goede bui, dan maakt alcohol je losser en vrolijker, maar ben je al een tikje depri, dan zorgt alcohol voor extra zwaarmoedigheid en tranen. Voel je je eenzaam en verdrietig, dan versterkt een shot oxytocine mogelijk jouw stemming. Daar zit je niet op te wachten. Bovendien ondermijnt het gebruik je zelfvertrouwen omdat je het gevoel hebt dat je iets menselijks: omgaan met anderen, niet zelf kunt, maar er een chemische toevoeging voor nodig hebt. Ten slotte zou het je ertoe kunnen brengen het omgaan met mensen te vervangen door een shotje, waardoor het probleem van eenzaamheid juist hardnekkiger wordt.

Op zich is het allemaal heel interessant en er is zeker reden dit verder uit te zoeken, maar het verband met eenzaamheid is lang niet zo helder als sommige mensen wel beweren. We staan nog maar aan het begin van onderzoek op dit gebied.

Shotje oxy in je neus? Advies: niet doen.

Beter is het te werken aan het echt aanpakken van eenzaamheid en aan het omgaan met anderen, of je dat nu leuk vindt of niet. Het is een hele opgave. Laat je erbij helpen.

Referenties:

Carter, C. S. (2014). Oxytocin pathways and the evolution of human behavior. Annual review of psychology, 65, 17-39.

Viero, C., Shibuya, I., Kitamura, N., Verkhratsky, A., Fujihara, H., Katoh, A., … & Dayanithi, G. (2010). REVIEW: Oxytocin: Crossing the bridge between basic science and pharmacotherapy. CNS neuroscience & therapeutics, 16(5), e138-e156.

Toronchuk, J. A., & Ellis, G. F. (2010). Affective neuronal darwinism: The nature of the primary emotional Systems.

Panksepp, J., Nelson, E., & Bekkedal, M. (1997). Brain Systems for the Mediation of Social Separation‐Distress and Social‐Reward Evolutionary Antecedents and Neuropeptide Intermediariesa. Annals of the New York Academy of Sciences, 807(1), 78-100.