6 sociologen over eenzaamheid… waarom dan wel?
Het bestuderen van de samenleving is niet iets wat met de moderne wetenschap is geïntroduceerd, mensen zijn al sinds mensenheugenis gefascineerd geweest door wat ons als mensen in de samenleving drijft. De sociologie als wetenschap heeft zich ontwikkeld sinds Auguste Comte de term sociologie als een sociale wetenschap heeft geïntroduceerd. Hij was dus niet de eerste die zich ermee bezig hield, maar hij wordt wel gezien als de grondlegger van de moderne sociologie.
Sociologen houden ervan zich op de vlakte te houden als het gaat om het geven van definities, een definitie van eenzaamheid zul je dan ook bij vrijwel geen van hen tegenkomen, terwijl ze er wel van alles over te melden hebben. Zij zien eenzaamheid meestal als een sociaal fenomeen, en minder als een individueel ervaren. Ze beschouwen eenzaamheid als een gevolg van veranderingen in sociale normen, structuren en relaties. De ‘gemiddelde socioloog’ ziet eenzaamheid als beïnvloed door factoren als verstedelijking, technologische ontwikkelingen, veranderende familiestructuren en veranderingen in maatschappelijke participatie.
6 Sociologen die van invloed zijn in de hedendaagse opvattingen over eenzaamheid zijn:
Robert Putnam
Eva Illouz
Zygmunt Bauman
Sherry Turkle
Hartmut Rosa
Theo van Tilburg (Voor Nederland als het gaat om eenzaamheid nogal invloedrijk)
Putnam herleidt de oorsprong van eenzaamheid tot de afname van sociaal kapitaal en maatschappelijke betrokkenheid. Hij stelt dat de erosie van gemeenschapsinstellingen, de afnemende participatie in sociale organisaties en de privatisering van de vrije tijd hebben geleid tot het uiteenvallen van de sociale verbindingen. Putnam ziet de verschuiving van gemeenschappelijke activiteiten naar individuele bezigheden, vaak gefaciliteerd door technologie, als een belangrijke drijfveer. Hij wijst op een verminderde betrokkenheid bij religieuze groeperingen, vakbonden en lokale clubs als bijdragende factoren. Voor Putnam ligt de oorsprong van de wijdverbreide eenzaamheid in de collectieve terugtrekking uit het openbare leven en de verzwakking van de sociale banden die ooit gemeenschappen bij elkaar hielden.
Zijn opvatting van eenzaamheid zou je kunnen omschrijven als: een subjectief gevoel van verbroken verbinding als gevolg van verminderd sociaal kapitaal en verzwakte familiebanden.
Illouz lokaliseert de oorsprong van eenzaamheid op het kruispunt van kapitalisme en emotioneel leven. Ze stelt dat de commodificatie van relaties en de opkomst van de consumentencultuur de manier waarop we verbindingen vormen en onderhouden fundamenteel hebben veranderd. Illouz suggereert dat de druk om zichzelf op de markt te brengen, zowel op persoonlijk als op professioneel vlak, een gevoel van voortdurende ontoereikendheid en concurrentie creëert. Dit leidt tot een paradox waarbij individuen voortdurend verbinding zoeken, maar moeite hebben om authentieke relaties aan te gaan. Ze ziet datingapps en sociale media als voorbeelden van hoe het emotionele leven is gekoloniseerd door marktlogica, waardoor intimiteit een product wordt en mogelijk gevoelens van eenzaamheid worden versterkt.
Haar opvatting van eenzaamheid zou je kunnen omschrijven als: een emotionele staat als gevolg van de vermarkting van relaties en de druk om jezelf te vermarkten in sociale en romantische situaties.
Bauman schrijft de opkomst van eenzaamheid toe aan wat hij ‘vloeibare moderniteit’ noemt. Hij stelt dat de toenemende vloeibaarheid en instabiliteit van sociale structuren en relaties in de moderne samenleving aan de basis liggen van eenzaamheid. Bauman ziet de verschuiving van lange termijn verplichtingen naar korte termijn, gemakkelijk oplosbare verbindingen als de sleutel. Hij stelt dat de voortdurende staat van verandering en onzekerheid in het moderne leven het voor individuen moeilijk maakt om duurzame banden aan te gaan. De druk om flexibel en ongebonden te blijven, hoewel schijnbaar bevrijdend, zorgt er uiteindelijk voor dat individuen zich geïsoleerd en onzeker voelen en niet in staat zijn zichzelf te verankeren in stabiele relaties of gemeenschappen.
Zijn opvatting van eenzaamheid zou je kunnen omschrijven als: het existentiële isolement dat je ervaart in een wereld van los vaste verbinding en constante verandering, waar duurzame banden steeds schaarser worden.
Turkle richt zich op de rol van digitale technologie in het ontstaan van moderne eenzaamheid. Ze stelt dat technologie weliswaar betere connectiviteit belooft, maar dat dit vaak resulteert in een paradoxale staat van verbonden isolatie. Turkle suggereert dat het gemak van digitale communicatie heeft geleid tot een terugtrekking uit face-to-face interacties, die cruciaal zijn voor diepe emotionele verbindingen. Ze wijst erop dat de constante beschikbaarheid via apparaten een illusie van kameraadschap creëert zonder de eisen van vriendschap. Turkle ziet de oorsprong van eenzaamheid in onze groeiende afhankelijkheid van technologische interacties die een gevoel van controle bieden, maar de diepgang en onvoorspelbaarheid van relaties in de echte wereld missen.
Haar opvatting van eenzaamheid zou je kunnen omschrijven als: het gebrek aan emotionele verbinding ondanks constante digitale verbondenheid, ontstaan door een ontbreken van diepe, betekenisvolle persoonlijke interacties.
Rosa lokaliseert de oorsprong van eenzaamheid in wat hij ‘sociale versnelling’ noemt. Hij stelt dat het toenemende tempo van het sociale leven en de voortdurende veranderingen in de moderne samenleving het voor individuen moeilijk maken om betekenisvolle relaties aan te gaan en te onderhouden. Rosa ziet de druk om gelijke tred te houden met de snelle technologische, sociale en economische veranderingen, waardoor er weinig tijd overblijft voor diepgaande verbindingen. Hij suggereert dat de versnelling van het levensritme leidt tot een staat van vervreemding, waarin individuen zich losgekoppeld voelen van hun omgeving en van elkaar. Voor Rosa komt eenzaamheid voort uit deze versnelde toestand waarin stabiliteit en langetermijnverplichtingen steeds moeilijker te handhaven worden.
Zijn opvatting van eenzaamheid zou je kunnen omschrijven als: de vervreemding die mensen ervaren in een samenleving die versnelt en waar het tempo van het leven maakt dat mensen geen stabiele duurzame relaties kunnen aangaan.
Opvallend is dat al deze 6 sociologen eenzaamheid zien als een probleem van de moderne wereld.
Theo van Tilburg is als socioloog een buitenbeentje, in die zin dat hij wel degelijk een definitie van eenzaamheid geeft. Sterker nog, deze definitie is de basis van veel onderzoek nara de prevalentie van eenzaamheid wereldwijd. De definitie die hij samen met Jenny de Jong- Gierveld heft geïntroduceerd komt verderop uitgebreid aan bod. Van Tilburgs visie op eenzaamheid kun je omschrijven als multidimensioneel: hij ziet eenzaamheid als een fenomeen dat niet tot een enkele factor teruggebracht kan worden. Hij beschouwt eenzaamheid als het verschil tussen de relaties die je hebt en die je zou wensen. Dat is de typische cognitieve discrepantietheorie.
Van Tilburg is niet alleen in die zin een buitenbeentje, hij is ook een van de weinige sociologen die de samenleving minder als boosdoener ziet. Hij heeft een opvallend genuanceerde opvatting over eenzaamheid. Zijn opvatting is dat eenzaamheid een gevolg is van individuele, sociale en maatschappelijke factoren. Anders gezegd: it’s complicated…



